Is jouw woning klaar voor een warmtepomp?

Check

Een warmtepomp werkt goed als je woning warmte kan afgeven bij een lage aanvoertemperatuur. Vloerverwarming of ruime radiatoren die het redden op maximaal 45 °C zijn het belangrijkste criterium, belangrijker nog dan het bouwjaar. Voor de Vlaamse premie mag het afgiftesysteem hoogstens 55 °C vragen en moet een RESCert-installateur de werken uitvoeren.

  • Isolatie van dak en ramen weegt zwaarder dan de leeftijd van je woning
  • Vloerverwarming is ideaal, maar grote radiatoren op 45 °C werken ook
  • De elektrische aansluiting moet het piekvermogen aankunnen
  • Premie: gebouw aangesloten op het net vóór 1 januari 2014, of vergunning ouder dan 5 jaar

Beantwoord tien vragen over je isolatie, je afgiftesysteem en je installatie. Je krijgt een geschiktheidsscore, de knelpunten die eerst opgelost moeten worden en of je aan de premievoorwaarden voldoet.

Je woning
Je verwarming vandaag

Dit is de sterkste indicator die je zelf kan aflezen. Blijft je woning warm op 45 °C, dan is ze warmtepompklaar.

Praktische randvoorwaarden

Premievoorwaarde. Alternatief: de stedenbouwkundige vergunning is ouder dan 5 jaar op de factuurdatum.

Vul je gegevens in en klik op Bereken.

De vraag is niet of je woning goed genoeg is, maar hoe warm het water moet zijn

Warmtepompen krijgen soms een slechte reputatie omdat ze in de verkeerde woning belanden. Zelden ligt dat aan het toestel. Het ligt bijna altijd aan de temperatuur die het toestel moet leveren om de woning warm te krijgen.

Een warmtepomp verplaatst warmte in plaats van ze op te wekken. Hoe kleiner het verschil tussen de bron en de afgifte, hoe minder elektriciteit dat kost. Bij een aanvoertemperatuur van 35 °C, zoals bij vloerverwarming, levert een lucht-waterwarmtepomp vlot vier eenheden warmte per eenheid stroom. Moet ze 65 °C maken voor krappe radiatoren, dan zakt dat naar ongeveer 2,5. Diezelfde woning, hetzelfde toestel, bijna dubbel zoveel verbruik.

De winterproef die je vanavond zelf kan doen

Zet bij een vriesnacht de aanvoertemperatuur van je ketel op 50 °C en laat ze daar een dag staan. Blijft het comfortabel, dan is je woning in de praktijk warmtepompklaar. Wordt het merkbaar frisser in bepaalde kamers, dan weet je meteen welke ruimtes een grotere radiator nodig hebben.

Dat is waardevoller dan welke vuistregel over bouwjaren ook. Een goed gerenoveerde woning uit 1930 haalt die test vaak vlotter dan een matig geïsoleerde woning uit 2005 met minimale radiatoren.

Wat de premie technisch vereist

Voor Mijn VerbouwPremie mag het afgiftesysteem hoogstens 55 °C vragen. De installatie moet gebeuren door een installateur met RESCert-certificaat, en het gebouw moet vóór 1 januari 2014 op het elektriciteitsnet aangesloten zijn, of de stedenbouwkundige vergunning moet op de factuurdatum meer dan vijf jaar oud zijn. Bij een lucht-waterwarmtepomp geldt daarnaast dat die de enige centrale verwarming moet zijn.

Drie praktische zaken die vaak vergeten worden

De opstelling van de buitenunit. Niet in een nauwe hoek tussen twee muren, want dan zuigt het toestel zijn eigen koude lucht opnieuw aan. Niet onder een slaapkamerraam. En let op de geluidsnorm aan de perceelsgrens.

Het elektrisch vermogen. Vooral relevant als er ook een laadpaal komt. Laat het piekvermogen op de koudste dag nakijken, niet het gemiddelde.

Sanitair warm water. Dat vraagt hogere temperaturen dan ruimteverwarming, met periodieke opwarming tegen legionella. Een apart boilervat met voldoende inhoud werkt doorgaans efficiënter dan een toestel dat voortdurend moet omschakelen.

Hoe berekenen we dit?

Wegingsprincipede vereiste aanvoertemperatuur weegt het zwaarst, daarna isolatie, dan de praktische randvoorwaarden
Aanvoertemperatuurvloerverwarming rekent op 35 °C, lage radiatoren op 45 °C, gewone radiatoren op 70 °C
Warmtevraagindicatief 20 tot 120 W per m², afhankelijk van het isolatieniveau
Premietoetsafgiftetemperatuur maximaal 55 °C, RESCert-installateur, gebouw aangesloten vóór 2014 of vergunning ouder dan 5 jaar
Bouwjaarweegt licht mee, maar een goed gerenoveerde woning uit 1930 scoort hoger dan een matig geïsoleerde uit 2005

Deze check is een eerste inschatting. Een correcte beslissing vraagt een warmteverliesberekening per ruimte en een controle of je bestaande radiatoren voldoende vermogen afgeven bij lage temperatuur.

Bronnen en peildatum. Gecontroleerd op 1 september 2026. Vrijstellingenbesluit en Meldingsbesluit zoals gewijzigd op 1 maart 2026. Hemelwaterverordening 2023 sinds 2 oktober 2023. Mijn VerbouwPremie (Vlaamse overheid) · Energiesparen Deze tool geeft een indicatie. Controleer je situatie altijd bij je gemeente of bij de bevoegde dienst.

Veelgestelde vragen

Moet mijn woning perfect geïsoleerd zijn voor een warmtepomp?

Nee, dat is een hardnekkig misverstand. Wat telt is of je woning warm blijft bij een lage aanvoertemperatuur. Een degelijk geïsoleerde woning met ruime radiatoren die het redt op 45 °C is perfect geschikt. Een zeer goed geïsoleerde woning met te kleine radiatoren die 65 °C nodig hebben, is dat veel minder.

Hoe weet ik of mijn radiatoren geschikt zijn?

Doe de winterproef: zet bij vriesweer je keteltemperatuur op 50 °C en kijk of het comfortabel blijft. Lukt dat, dan zit je goed. Lukt het net niet, dan volstaat vaak het vervangen van enkele radiatoren in de koudste ruimtes in plaats van allemaal. Een installateur rekent dat per ruimte na op basis van het warmteverlies.

Waarom is de aanvoertemperatuur zo bepalend?

Het rendement van een warmtepomp daalt naarmate het temperatuurverschil tussen bron en afgifte groter wordt. Bij 35 °C haalt een lucht-waterwarmtepomp vlot een SCOP van 4 of meer; bij 65 °C zakt dat richting 2,5. Dat verschil bepaalt rechtstreeks je elektriciteitsfactuur, en het is de reden waarom slecht ingeregelde warmtepompen een slechte reputatie krijgen.

Heb ik een driefasige aansluiting nodig?

Niet altijd. Veel lucht-waterwarmtepompen voor woningen werken monofasig. Bij grotere vermogens, bij een elektrische bijverwarming of in combinatie met een laadpaal wordt driefasig wel aangeraden. Je installateur controleert of je aansluitvermogen het piekvermogen aankan, ook op de koudste dag.

Hoeveel geluid maakt een buitenunit?

Moderne toestellen zitten doorgaans tussen 45 en 55 dB(A) op één meter, vergelijkbaar met een koelkast op afstand. Bepalend is de opstelling: niet in een nauwe hoek tussen twee muren, niet onder een slaapkamerraam, en niet vlak tegen de perceelsgrens. Gemeenten hanteren geluidsnormen, dus vraag je installateur naar de te verwachten waarde op de perceelsgrens.

Is een hybride warmtepomp een goed tussenstation?

Bij een woning die nog te hoge temperaturen vraagt, kan dat verstandig zijn: de warmtepomp doet het grootste deel van het jaar het werk en de bestaande ketel springt bij op de koudste dagen. Je behoudt wel twee systemen met dubbel onderhoud, en de premie ligt lager dan voor een volwaardige lucht-waterwarmtepomp.

Werkt een warmtepomp samen met zonnepanelen?

Ja, en die combinatie is interessant sinds de terugdraaiende teller verdwenen is. Je verbruikt je eigen zonnestroom liever zelf dan ze aan een lage vergoeding te injecteren. De overlap is wel beperkt: je grootste warmtevraag valt in de winter, wanneer je panelen het minst opbrengen. Een slimme sturing die de warmtepomp overdag laat draaien, helpt daarbij.

Laat je woning doorrekenen voor je beslist

Een warmtepomp die te warm water moet maken, verbruikt fors meer dan beloofd. Een installateur berekent je warmteverlies en controleert of je radiatoren het halen op lage temperatuur. Ontvang vrijblijvend offertes uit je regio.

Ontvang mijn 3 offertes voor een warmtepomp
Olivier
de auteurOlivier
Met ruim 15 jaar ervaring in de bouw help ik je graag met praktische tips en heldere adviezen voor je bouw- of renovatieproject. Of je nu zelf aan de slag wilt of een vakman zoekt, ik zorg ervoor dat je de juiste keuzes maakt én breng je in contact met betrouwbare specialisten die je echt verder helpen.